|
|
kijk in
de Pot na 1867
Nadat de vesting Bergen op Zoom in 1867 was opgeheven, vond in het
daaropvolgende jaar de slechting plaats van de lunetten Camus, Rasant en Kijk in
de Pot.
Het terrein behield echter zijn militaire bestemming, zodat bijvoorbeeld het
redoute Op het Schor met rust werd gelaten.
De vrijkomende stenen van de lunetten werden dankbaar als bouwmateriaal
hergebruikt bij de bouw van huizen langs de door Frederik van Gendt ontworpen
singels.
Het zand werd in 1869 benut bij de herinrichting van Kijk in de Pot tot
exercitieterrein met schietbanen.
Er werden zes grote schietheuvels of kogelvangers mee opgeworpen. Deze waren in
eerste aanleg 5 meter hoog, maar werden in later tijden aangepast en verhoogd.
Hoewel de
lunetten geheel verdwenen, waren op een luchtfoto van 1938 de contouren nog in
het landschap zichtbaar.
In de
periode 1950-1957 werd in het kader van een DUW-project de draf-en-renbaan
aangelegd.
Het zand werd gebruikt om de Haven mee te dempen.
Omstreeks 1974 eindigde het gebruik van de Kiek als schietterrein en in 1978
werd de grond verkocht aan de gemeente. Inmiddels waren er al enkele militaire
gebouwen geruïneerd en de nodige gaten in de omheining gevallen.
In het begin
van de jaren ’80 werd een deel van het terrein beplant.
Bij de bouw van het Golden Tulip hotel werd de kleinste kogelvanger, destijds
gebruikt voor pistool-schieten, afgegraven.
De bouw van de drie Urban Villa’s ’Bergse Veste 1, 2 en 3’, die refereren
aan de drie lunetten, vond plaats op het voormalige glacis.
Zichtbare resten van de
vestingwerken
Wat is er heden nog bewaard van het geretrancheerde kamp Kijk in de Pot na
zoveel eeuwen van veranderingen en herinrichting?
Het redoute Op het Schor ligt er nog, compleet met grachten maar helaas zonder
de borstwering waarop eens de kanonnen stonden. Die werd ooit afgegraven.
De landschappelijke werking stelt nu
weinig meer voor omdat het omringende slikkengebied kunstmatig anderhalve meter
is opgehoogd bij de aanleg van de Binnenschelde en alles werd beplant.
Ik wed dat vrijwel niemand weet dat dit nog een authentiek stukje werk van Menno
van Coehoom is. Dat geldt in elk geval voor diegene die de Markiezaatsweg
destijds heeft ontworpen, dwars door de zuidwesthoek van het redoute heen.
De plannen zijn nu om het redoute weer
in zekere oude glorie terug te brengen.
De drie lunetten zijn verdwenen, maar van het lunet Kijk in de Pot is het
verloop van de westelijke flank nog goed te herkennen als een langgerekte
glooiing langs de steilrand, net achter de grote kogelvanger. Ook de bedekte
weg heeft zijn sporen in het landschap achtergelaten.
Het voormalige glacis is nog het beste waar te nemen wanneer men vanuit het
hotel noordwaarts loopt en let op de glooiing van het terrein. Al het overige is
verdwenen, althans...
Opgravingen
op Kijk in de Pot
Vooruitlopend op de toekomstige (zoveelste) herinrichting van Kijk in de Pot
werd door het Bureau Archeologie van de gemeente een onderzoek ingesteld naar
overblijfselen uit de vestingperiode.
Dit had een tweeledig doel: ten eerste zal een deel van het terrein ongeveer een
meter worden afgegraven, waardoor oude sporen kunnen gaan verdwijnen, ten tweede
moest bekeken worden of er resten van de vestingwerken in aanmerking komen om in
de herinrichting op te nemen als cultuurhistorische landschapselementen.
Dankzij
de nog aanwezige resten, het uiterst gedetailleerde ’Plan van d’onderaardse
werken der fortificatien van Bergen op den Zoom’ en enkele
doorsnede-tekeningen uit 1833, kennen we de exacte ligging en aanleghoogtes van
de vestingwerken in dit gebied.
Enkele grote proefopgravingen in maart van dit jaar brachten al snel de
contouren van de gracht van lunet Kijk in de Pot aan het licht. De droge gracht
was oorspronkelijk 6 meter breed en aan weerskanten voorzien van stenen muren.
Wie erin rondliep keek in de richting van het lunet tegen een muur van 3,5 meter
hoogte en aan de kant van het glacis tegen een 2 meter hoge wand.
De
drie lunetten staken dus als indrukwekkende metershoge plateaus boven het
landschap uit.
Aangezien de bodem van de gracht maar 80 centimeter onder het gras ligt,
betekent dit, dat in 1869 enorm veel zand werd verplaatst. In feite ligt de Kiek
nu lager dan in de 17de eeuw.
Van de stenen muren werd, op een klein fragmentje en los puin na, niets meer
teruggevonden. In archeologisch opzicht is dit natuurlijk jammer, omdat daarmee
ook geen enkel spoor meer van voor de 17de eeuw bewaard is gebleven.
De dikke leemlaag, die ooit diep onder de grond zat, ligt nu vrijwel aan de
oppervlakte en zorgt ervoor dat al het regenwater wordt vastgehouden, wat de
Kiek op veel plaatsen erg drassig maakt.
|
|
||
|
Deze pagina's zijn het beste te bekijken in 1024*768. Laatste wijziging op 17-12-2005. Webmaster vanderkallen@home.nl |
||