Nog meer Parade

(Marco Vermunt)

De opgravingen op het Thaliaplein gaan gestaag door.
In de laatste nieuwsbrief werd melding gemaakt van de funderingen van huizen aan de voormalige Kerkhofstraat en een oud stukje straatwerk van Vilvoordse keitjes. Inmiddels is een groot deel van de noordelijke zijde van het plein opgegraven. Een van de interessantste vondsten betrof muurwerk van de koorsluiting van het Nieuwe Werk, te dateren in de eerste helft van de 16de eeuw. Voor de meeste mensen is het amper voor te stellen hoe groot en massaal de koorpartij van de Gertrudis is geweest. Al jaren geleden had Han Bos een reconstructie van het grondplan van het Nieuwe Werk gemaakt, gebaseerd op de ritmiek van de traveeën in het overgebleven deel van het transept en de toegepaste Brabantse voetmaat van 28,5 centimeter. In die tijd werd immers niet zomaar in het wilde weg gebouwd: alles moest op de centimeter (liever gezegd duim) kloppen aangezien de natuurstenen onderdelen naadloos dienden te passen. Het verbaasde dan ook niet dat de opgemeten afstanden slechts enkele centimeters afweken van de reconstructietekening. Het enige onverwachte was een vierkante uitbouw in het midden van de koorsluiting, in de as van de kerk. Waar die voor diende is niet bekend, misschien een kleine altaarnis. Aangezien het  loopvlak in het Nieuwe Werk ruim drie meter boven de opgegraven funderingen lag, kon geen enkele aanwijzing voor zijn functie gevonden worden.

Tussen de kerkfunderingen kwamen nog allerlei resten van oudere bebouwing tevoorschijn, zoals een gemetselde beerput die hoorde bij het huis Sint Kathelijne. Dit pand stond naast het Lombardenhuis en was sinds 1483 eigendom van de Italiaanse lakenkoopman en lombard Pagane de la Vall. Vermoedelijk woonde hij er ook, samen met zijn Bergse bruid Geertrijd Denissen, maar dat is nauwelijks te bewijzen. Wat de beerput allemaal opleverde aan huisraad, leest u in een volgende nieuwsbrief of ziet u op de TV. Omroep Brabant zendt namelijk vanaf september dit jaar een serie uit, getiteld “Spoorzoeker”. Een van de afleveringen is gewijd aan de opgravingen op het Thaliaplein, in het bijzonder rondom de funderingen van het Nieuwe Werk. Drie dagen lang is er gefilmd, in een fantastisch gezellige sfeer.

Naast de kerkfunderingen werden zoals verwacht overblijfselen gevonden van het kerkhof, dat hier na 1520 heeft gelegen. Helaas was er niet veel meer van over. In de 19de eeuw was het plein namelijk al eens geëgaliseerd waardoor de bovenste lagen van begravingen op de schop gingen. De grootste aantasting veroorzaakte echter de bouw van sociëteit Thalia, die kelders had onder de restaurants links en rechts van de hoofdingang.  

Een opvallende vondst was een grote kuil vol geruimde botten aan de rand van het opgravingsterrein. Die was niet 19de eeuws, maar zeer waarschijnlijk 16de eeuws en het resultaat van herbegraven van beenderen uit geruimde graven achter de oude kerk tijdens de bouw van het Nieuwe Werk. Overigens namen -in tegenstelling tot het krantenbericht- maar weinig mensen aanstoot aan de knekelkuil.  

Terwijl verder gegraven werd in de richting van de Hema kwamen steeds meer resten van Thalia tevoorschijn. De hoofdzaal bleek niet onderkelderd, zoals eerst werd gevreesd, maar het toneel wel. Ook werden er vreemde ondergrondse bouwsels gevonden onder de corridors naast de feestzaal. Helaas is het niet gelukt, zelfs na ondervraging van tientallen oudere Bergenaren, om te weten te komen waar in Thalia precies de kelders en de toiletgroepen waren. Dus als er lezers zijn die zich nog iets herinneren dan hoor ik dat graag.

Waar het puin van Thalia minder werd, begon de ellende van de 108 betonnen palen van Albert Heijn uit 1963. Opgraven in deze rommel is vreselijk moeilijk. De palen zijn immers niet geheid maar in bekisting gegoten in kriskras gegraven sleuven. Ongeveer 75 procent van het bodemarchief is onder dit gedeelte van het Thaliaplein naar de haaien. In de resterende 25 procent worden resten gevonden van het kerkhof, oudere sporen (meest afvalkuilen) uit de 14de en 15de eeuw en –tot onze verrassing- opnieuw Romeinse scherven.

Aan de hele noordzijde van het plein, buiten de oude kerkmuren, bevindt zich dezelfde Romeinse bewoningslaag die vorig jaar ook aan de kant van de Kerkstraat werd gevonden. Maar ook nu zijn er nog geen sporen van Romeinse bebouwing aan het licht gekomen, wel kleine inspittingen en kuilen. Een zo’n kuil was in een natuurlijke leemlaag gegraven en bevatte veel scherven van heel zacht rood aardewerk. Ook vorig jaar werd er veel zacht gebakken Romeins aardewerk gevonden. Het vermoeden is nu, dat er ter plaatse aardewerk gemaakt werd. Voor meer zekerheid is echter nader onderzoek naar de samenstelling van de klei nodig.

Als het inderdaad om lokaal aardewerk gaat, en waarom ook niet in een omgeving met goede klei op geringe diepte, dan gaat de pottenbakkerstraditie van Bergen op Zoom nog duizend jaar verder terug in de tijd.

Binnenkort gaat de opgraving verder op het midden van het plein, waar de Lombardstraat sinds 1445 gesitueerd was. Het wordt vooral betonpaaltjes plukken, dus veel hoop op nog complete sporen is er eigenlijk niet. Daarna komt de grond onder en naast de kiosk aan de beurt waar de kans op het vinden van bebouwing uit de Romeinse tijd het grootst is. Daarmee zal het onderzoek op het Thaliaplein op zijn einde lopen en wordt de aandacht verlegd naar het Sint Josephplein. Vermoedelijk nog dit jaar zal een opgraving van start gaan langs de voorzijde van de Hema, waar veel funderingen en overblijfselen van het in 1700 gesloopte gedeelte van de Rozemarijnstraat verwacht worden.
 


Naar de vorige pagina

Terug naar het begin van deze pagina

 

Deze pagina's zijn het beste te bekijken in 1024*768. Laatste wijziging op 12-12-2005. Webmaster vanderkallen@home.nl